
Triatleet Van de Wetering gaat tot het uiterste in het Italiaanse Cervia: het zoet van de beloning smaakt goed
· leestijd 1 minuut SportIJSSELMUIDEN – De uit IJsselmuiden afkomstige Fabian van de Wetering heeft deelgenomen aan de Ironman Emilia-Romagna in het Italiaanse Cervia. Dit is een hele triatlon met 3,8 zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42,2 kilometer lopen. De sportman kwam over de finish in een tijd van 9 uur en 51 minuten.
“‘I am an Ironman’ (Ik ben een Ironman)”, zei Van de Wetering met een knipoog naar de organisator van triatlons wereldwijd. Voor Van de Wetering was het zijn debuut, maar wel in een verdienstelijke tijd onder de tien uur.
Terugblikkend constateert hij dat het zwemmen goed ging: “Ik haalde veel deelnemers in, zwom steady en technisch sterk. Het zwemmen ging dus gelukkig volgens plan. Ik ben erg blij en tevreden met een tijd van 1.01:34 uur op de 3.8 kilometer.”
De wissel naar het fietsen ging goed. Van de Wetering: “Het fietsen verliep beter dan verwacht. Ik hield me strak aan mijn plan en kan trots zeggen dat ik alles solo heb gedaan, ondanks de vele grote groepen bij dit stayer-festijn. Het parcours was soms verraderlijk door slecht wegdek, dus dat was vaak serieus oppassen. En dan de klim die twee keer voorbijkwam. Binnen zo’n 2 kilometer ging het 200 meter omhoog. Het was uiteindelijk best kort en gelukkig kon ik vaart houden, maar de hartslag schoot natuurlijk wel omhoog. Het was intens, maar niet onmogelijk. Op zo’n 130 kilometer begon ik pijntjes te voelen, uiteindelijk best een heftige nekpijn die doorstraalde naar hoofdpijn. Ik dacht vaak terug aan alle lange en zware trainingen, waardoor ik kon doorzetten en dit goed kon uitvoeren.”
Van de Wetering fietste 180 kilometer in 5.00:44 uur. Ook de overgang naar het lopen verliep heel goed. “Ik keek uit naar het lopen van de marathon en hoopte enorm dat mijn eerdere work-outs tegen kramp goed zouden helpen. Dat bleek het geval”, blikte Van de Wetering terug. De marathon verliep aanvankelijk misschien wel iets te makkelijk. Van de Wetering ging te snel van start en kwam zichzelf later tegen. “Vanaf ronde twee werd het zwaar, zeker door de hitte. Koeling, verzorging en voeding werden cruciaal. Er zat telkens een lang stuk tussen twee verzorgingsposten, wat elke ronde een uitdaging was. In de derde en vierde ronde zette de pijn nog meer door. Elke stap voelde alsof iemand mijn benen samenkneep die met blauwe plekken bedekt was. Ik had besloten om niet meer op mijn looptijd te focussen, maar om te zorgen dat ik goed en gezond kon finishen.”





















