
Routiniers nemen afscheid in zinderende Oosterholthoeve: ‘Nu is het wel heel definitief’
· leestijd 3 minuten AlgemeenIJSSELMUIDEN – “Tijdens mijn debuut in het eerste van Set-Up was ik behoorlijk zenuwachtig. Ook in de wedstrijden daarna had ik altijd een paar ballen nodig om erin te komen”, herinnert volleyballer Harald van Dieren zich. Twaalf jaar later is hij uitgegroeid tot een vaste waarde en helpt hij, in plaats van zelf te acclimatiseren, juist anderen in hun kracht te zetten. Zaterdag echter nam hij afscheid in een thuiswedstrijd tegen Avior. “Nu is het wel heel definitief.”
Het zijn twee totaal verschillende momenten op een lange tijdlijn, maar met een duidelijke gemene deler: sport is emotie. In thuishaven de Oosterholthoeve doen ze daar graag nog een schepje bovenop. Van Dieren prijst zich gelukkig met het thuispubliek, dat vaak zorgt voor een bomvolle zaal en kippenvelmomenten. Hij is niet de enige die dat zo ervaart. Matthias Sukaldi neemt na zestien jaar in het eerste eveneens afscheid en ook Louwe van den Bos behoort tot de routiniers die stoppen. Het is geen alledaagse kost dat zoveel ervaren spelers tegelijk afscheid nemen. Reden voor de sportredactie om hen nog eenmaal aan het woord te laten.
De geschiedenis van Van Dieren (29) bij Set-Up gaat ver terug. Rond zijn twaalfde maakte hij de overstap van turnen naar volleybal. “Wat mij aansprak in het turnen was dat het individueel is en je niet afhankelijk bent van anderen. Toch wilde ik op een gegeven moment deel uitmaken van een team.” Zijn vroege groeispurt hielp hem daarbij, al behoort hij met 1,87 meter al lang niet meer tot de langste spelers.
Zijn talent viel snel op, maar ook zijn inzet speelde een grote rol. “Je moet absoluut balgevoel hebben om het eerste te halen, maar ik heb het ook altijd moeten hebben van werklust en trainingsdiscipline.”
Als middenaanvaller en hoofdblokkeerder speelt Van Dieren een sleutelrol. Zijn kracht ligt niet alleen in de blokkering, maar ook in het aanvallen en afmaken van ballen. In twaalf jaar heeft hij bereikt wat hij wilde. Set-Up is bovendien een ploeg die vooral met eigen spelers successen behaalt. “Dat is een kernkwaliteit van deze vereniging. In combinatie met het trouwe publiek maakt dat ons uniek.” Een specifiek hoogtepunt aanwijzen vindt Van Dieren lastig. “Als ik iets moet noemen, dan zijn het de streekderby’s tegen clubs als CSV uit Zwolle.”
Naast zijn plezier als speler haalde Van Dieren ook energie uit zijn rol als trainer van jong talent. Toch is het nu tijd om te stoppen. “Ik merk dat ik me minder makkelijk oplaad voor een nieuw seizoen, terwijl spelen in het eerste honderd procent vraagt. Het voelt vreemd: straks volleybal ik langer niet dan wel. Misschien ga ik het zo missen dat ik ooit weer begin, maar nu is dit de juiste keuze.”
Sukaldi maakte een vergelijkbare afweging. Hij was de eerste van de drie routiniers die aangaf te stoppen. Veel jongere supporters van Set-Up kunnen zich nauwelijks een team zonder hem voorstellen. “Zestien jaar is echt heel lang”, constateert de spelverdeler lachend.
Nog nagenietend van hun laatste wedstrijd voor het thuispubliek krijgt hij een compliment van Van den Bos, die ook is aangeschoven in de kantine. “Matthias is altijd een leider geweest. Hij kan energie brengen in een team en tegelijkertijd de lijnen uitzetten. Die combinatie is lastig, maar hij doet het.” Omgekeerd roemt Sukaldi de timing en sprongkracht van Van den Bos, maar ook zijn rol binnen het team. “Door zijn blessure heeft Louwe de laatste tijd niet veel gespeeld, maar zijn waarde zit ook in het groepsproces.”
Van den Bos ziet het snel als het even minder gaat met iemand en weet diegene ook te helpen. Lachend zegt Sukaldi: “Louwe heeft mij er weleens op gewezen daar meer oog voor te hebben en minder direct te zijn.”
Wat de situatie voor Van den Bos anders maakt dan die van zijn teamgenoten, is dat hij eigenlijk wel moest stoppen. De volleyballer kampt met een hardnekkige knieblessure. Spelen ging simpelweg niet meer. “Anders was ik zeker nog doorgegaan”, zegt Van den Bos. Wie weet keert hij ooit nog terug bij een ander team binnen Set-Up, of in een andere rol. De vereniging zit in zijn hart. Lange tijd maakte Van den Bos deel uit van de hoofdmacht, al speelde hij ook een periode in het derde team toen hij vader werd. Twee jaar geleden besloot hij weer aan te sluiten bij het eerste.
Wat daarbij een rol speelde, was de komst van de trainers Bart van Vliet en Rob van der Spek. Tot zijn verbazing merkte Van den Bos dat je ook op latere leeftijd nog veel kunt leren. “Een voorbeeld? Als je verdedigt, sta je vaak op een vaste plek. Maar wat als er aan de andere kant iemand staat die niet zo diep slaat? Dat heeft invloed op hoe jij staat, maar ook op de rest van het team.”
Sukaldi beaamt het belang van de trainers die met hun inzicht het team beter laten presteren. Een oefenmeester aan wie hij eveneens met plezier terugdenkt, is Ron Kranenburg. Als jonge spelverdeler, op wie veel afkwam, werd Sukaldi stevig gedrild. “Buiten, achter, hoger, verder”, de aanwijzingen volgden elkaar in hoog tempo op. Soms om gek van te worden, maar hij heeft er veel aan gehad.
Ook de ontwikkeling van Set-Up was mooi om te zien. De ploeg boekte sportief progressie en zette menig stap omhoog. “Dat hebben we vrijwel altijd met eigen jongens gedaan”, zegt Sukaldi. “Dat maakt deze vereniging bijzonder.” Van den Bos vult aan: “En het publiek natuurlijk. Waar vind je zo’n sfeer als in de Oosterholthoeve?”
Deze laatste avond schaart Van den Bos zelfs in het rijtje van wedstrijden om nooit te vergeten. Het helpt dat ze zojuist hoogvlieger Avior met 3-2 hebben verslagen. Hoewel hij en Sukaldi het eens zijn met Van Dieren dat de duel tegen CSV wellicht het allermooist waren. De mannen zullen het voortaan moeten doen zonder een dergelijke adrenalinekick, al biedt dat ook weer ruimte voor andere dingen, constateert Sukaldi nuchter.


















